“Ik kan niet tekenen”
Het is een zin die ik in de loop van de jaren heel vaak heb gehoord.
“Ik kan niet tekenen.”
Soms wordt het bijna verontschuldigend gezegd, soms ook heel stellig. Alsof het een vaststaand feit is.
Ik moet dan altijd denken aan iets wat mij ooit werd gezegd. Tijdens mijn opleiding tot leraar beeldende vakken zei een docent tijdens een les schetsen dat ik niet kon tekenen. Klopt, want daarvoor was ik daar, om dat juist te leren. Het zei vooral iets over zijn manier van kijken.
Toch was het een opmerking die wel bleef na sudderen, maar gelukkig kwam er daarna ook het moment waarop ik ontdekte dat tekenen en schilderen niet ging over goed gelijkende portretten en landschappen. Dat talent een fijne gave is maar dat tekenen en schilderen vooral een proces is van durven en doen.
Wanneer mensen beginnen met tekenen, proberen ze vaak meteen te tekenen wat ze denken te zien: een gezicht, een hand, een boom. Maar ons hoofd heeft daar al een soort snel schema van gemaakt. En dat schema nemen we over op papier.
Pas wanneer we echt gaan kijken, gebeurt er iets anders. Met kijken bedoel ik niet alleen kijken naar iets dat je wilt schilderen maar ook juist naar wat er op je doek of papier aan het ontstaan is.
Daarom beginnen we in mijn cursussen vaak met oefeningen die dat automatische denken even omzeilen.
Soms tekenen we met de ogen dicht.
Soms met de niet-dominante hand.
Of we maken snelle schetsen waarbij je geen tijd meer hebt om na te denken.
Het lijkt misschien vreemd, maar juist daardoor gebeuren er andere dingen, er komen lijnen en vormen die veel vrijer zijn, en dat voel je. Het kijken, doen, afstand nemen, laag over laag, weghalen, toevoegen, wordt belangrijker dan het resultaat.
Een van de methodes die mij daarbij heeft geïnspireerd is het werk van Betty Edwards. Zij liet zien dat tekenen voor een groot deel te maken heeft met leren kijken. Met het waarnemen van vormen, lijnen, ruimte en verhoudingen, zonder meteen te benoemen wat je denkt te zien. Dat waarnemen komt trouwens helemaal overeen met hoe we in mindfulness onze ervaringen observeren.
Mensen die overtuigd waren dat ze niet konden tekenen, merkten dat ze er langzaam plezier in begonnen te krijgen.
Van:
“Ik kan dit niet.”
Naar:
“Laat ik eens kijken wat er gebeurt als ik gewoon begin.”
En vaak is dat al genoeg om die stem in het hoofd niet meer te geloven.
